Winkelwagen
Geen artikelen in winkelwagen.




Aanbieding

Merlot, Plantanze, 0.75L, 12%; ecologisch geproduceerd; een stevige, krachtige rode topwijn, Montenegro


5,50

nu
€ 5 30

Merlot, Plantanze, 0.75L, 12%; ecologisch geproduceerd; een stevige, krachtige rode topwijn, Montenegro



Nieuwsbrief
Meld u aan voor onze nieuwsbrief:

Gastenboek
hallo heeft u een goede smaak en nog lekkerder wijn ... lees meer >>
28-12-2011

Beste meneer Milenko heeft U wel eens een aanbieding met ... lees meer >>
17-12-2011

verkoopt u ook baransjski kulen? ... lees meer >>
27-10-2011

Plaats een bericht >>


Wijn zelf maken

Hier treft u enkele recepten en adviezen om wijn zelf te maken

Wijn maken met druiven uit eigen tuin

wijnzelfmaken.jpg 

Voor elke 5 liter wijn heb je ongeveer 7 a 8 kilo druiven nodig. Dus, voor een fles van 0,7 liter heb je1 a 1,1 kilo druiven nodig.

  • Eerst het verwijderen van de druiven van de steeltjes. Gelijk de appeldieven (oorwormen) die graag tussen de druiven zitten netjes wegspoelen en dan in een emmer de handel lekker fijn kneden. Neen, niet met mijn blote voeten hoor, maar gewoon even flink knijpen met mijn grote handen, dat werkt ook prima.
  • Daarna haal ik alles door een oud stuk vitrage en vang ik het sap op in twee grote emmers. 
  • Dan giet ik het in de glazen stolpen en doe ik er een schepje voedingszout bij om het gistproces te helpen opstarten. 
  • Zet de watersloten erop, want als er fruitvliegjes in onze most komen dan wordt het azijn en daar doen we het niet voor!
  • Daarna zetten we de glazen stolpen op een warm plekje weg waarna ze na een dag of twee beginnen te vergisten. Blup, blup,” doet het waterslot, zeker wel 25 blupjes per minuut, dus het gist prima. 
  • De gist zet de suikers om in alcohol en na een week of zes wordt alles rustiger en helder in de fles.
  • Dan zet ik de helder geworden wijn over met een heveltje in een nieuwe stolp en zorg dat er zo weinig mogelijk droesem meekomt van de bodem. 
  • Daarna laat ik het nog een week of vier/zes staan en mag het op de fles.

 

druivenpers.jpg

Enkel van blauwe druiven kan je rode wijn maken, voor witte wijn kan je zowel witte als blauwe druiven gebruiken. Het verschil zit hem in de pulpgisting. Als je blauwe druiven gedurende enkele dagen laat gisten, met pitten, schillen en soms zelfs met de takjes erbij dan wordt er uit de schil een rode kleurstof afgegeven die de wijn kleurt. Ook komt er uit de pitten en de takjes tannine vrij waardoor de wijn langer houdbaar wordt.

Om rode wijn te verkrijgen dien je dus blauwe druiven te gebruiken. Die zullen na enkele dagen pulpgisting hun kleur afgeven. Haal de druiven best eerst van de tros en kneus ze in een emmer. Als je wilt kan je er na het kneuzen de takjes die de tros uitmaakten terug bij doen, hoewel dit soms voor tE veel tannine zorgt en zo de smaak bederft. Voeg de gist toe, voor rode wijn bestaan speciale gistsoorten, en eventueel reeds wat suiker. De komende dagen moet je tot drie keer per dag alles dooreen roeren. Dit zorgt er voor dat de schillen weer in contact komen met de vloeistof en voorkomt ook dat de schillen beginnen te schimellen. Na zo’n vijf dagen pulpgisting zal de kleuring waarschijnlijk voltooid zijn. Na meer dan acht dagen komt er te veel tannine vrij. Tannine geeft een harde smaak aan de wijn, een smaak die na lang wachten trouwens wel vermindert. Tijdens de pulpgisting wordt nog geen alcohol aangemaakt want de gistcellen voeden zich dan voornamelijk met zuurstof en niet met suiker.

hydrometer.png
Als je alle meetapparatuur ter beschikking hebt kan je nu beginnen met het bepalen van de zuurtegraad en het suikergehalte. Als je niet over een hydrometer beschikt kan je eenvoudig tot een wijn van zo’n 18% (afhankelijk van de gist) komen door telkens de gisting gestopt is per 5 liter sap zo’n 100g suiker toe te voegen. Wil je een wijn met een lager suikergehalte dan zal je waarschijnlijk tussen de 90 en de 100g/l suiker moeten toevoegen. De zuurtegraad van de druiven ligt meestal net iets te hoog waardoor het misschien aangewezen is per 5 liter sap een kleine liter suikerwater toe te voegen. Het suikergehalte moet natuurlijk hetzelfde zijn als dat van de rest van het sap. Als je geen hydrometer hebt, en volgens mijn voorbeeld 100g/l suiker bij het druivensap gedaan hebt, dan zal je het water moeten aanlengen met zo’n 240g suiker per liter.

En meer is er eigenlijk niet nodig voor het maken van druivenwijn, nu enkel nog laten gisten in gistingsflessen, afgesloten van de lucht en dan bottelen en laten rusten. Rode wijn kan je (door de tannine) langer laten rusten dan witte wijn en zal er na enkele jaren ook daadwerkelijk op verbeterd zijn. Maak dus alvast maar een afgelegen stukje kelder vrij.